Een vergunning als bedoeld in artikel 4., lid 2. wordt bovendien
geweigerd indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de
onmiddellijk leidinggevende tevens een functie buiten de inrichting
vervult met gelijke werkzame uren elders en/of waarbij door het aantal
werkzame uren en reistijd in totaliteit het redelijkerwijs fysiek niet
mogelijk is om als zodanig op te treden.
Paragraaf IV.
Artikel 9.
Overige weigeringsgronden
Onderdeel van Verordening Exploitatie Openbare Inrichtingen