Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2

Artikel 2:11

Evenementen

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Emmen 2012

Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:3 geldt voor ’B-evenementen’ en ’C-evenementen’ een minimumtermijn voor het indienen van een vergunningaanvraag van 12 weken voorafgaand aan de datum van het evenement. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan de burgemeester de vergunning eveneens weigeren als naar zijn oordeel: het evenement zich niet verdraagt met het karakter of de bestemming van de plaats waar het wordt gehouden; er vanwege gelijktijdigheid van verschillende evenementen -tijdens dezelfde periode, dan wel op dezelfde locatie- er door die gelijktijdigheid onvoldoende waarborgen bestaan dat de openbare orde of de woon- en leefsituatie in de omgeving niet op ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed; de organisator onvoldoende waarborgen biedt voor een goed verloop van het evenement, gelet op de hiervoor genoemde belangen. Geen vergunning is vereist voor ‘A-evenementen’, waaronder wordt begrepen: een muziek-, wandel-, loop- of fietstocht op de weg; een klein evenement als omschreven in artikel 1:1 sub k, lid 2, onder e. en: er een organisator is; het aantal bezoekers niet meer bedraagt dan tweehonderd personen; het evenement niet langer duurt dan tot 24.00 uur; geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 07.00 uur of na 23.00 uur; geen alcoholhoudende drank wordt verkocht; slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 10 m2 per object; Het A-evenement mag niet leiden tot verkeerssituaties waardoor de verkeersveiligheid in gevaar komt, de doorstroming van het verkeer en van de hulpverleningsdiensten wordt belemmerd of de gemeente genoodzaakt wordt tijdelijke verkeersmaatregelen te treffen. De organisator van het A-evenement dient binnen tien werkdagen voorafgaand aan het evenement melding van het evenement te doen aan de burgemeester. De burgemeester kan binnen tien werkdagen na ontvangst van de in lid 6 genoemde melding besluiten het organiseren van het evenement te verbieden als door het evenement de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. Het verbod van het eerste lid geldt niet voor een wedstrijd op of aan de weg, voor in het geregeld onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. Het verbod van het eerste lid geldt voorts niet voor evenementen op plaatsen die kennelijk blijvend voor een zodanige gebeurtenis zijn ingericht, echter onder het voorbehoud dat de burgemeester na kennisneming van het voornemen tot het houden van een evenement alsnog onverwijld kan besluiten het evenement te verbieden of voorschriften te stellen in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of de bescherming van het milieu. AFDELING 8 BETAALD VOETBALWEDSTRIJDEN

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel