Het is verboden:
op een openbare plaats te klimmen of zich te bevinden op een beeld, monument, overkapping, constructie, openbare toiletgelegenheid, voertuig, hekheining of andere afsluiting, verkeersmeubilair en daarvoor niet bestemd straatmeubilair;
zich op een openbare plaats zodanig op te houden dat aan weggebruikers of bewoners en gebruikers van nabij die openbare plaats gelegen woningen en gebouwen onnodig overlast of hinder wordt veroorzaakt;
zich zonder redelijk doel op een voor anderen hinderlijke wijze op te houden in of op een voor het publiek toegankelijk portaal, telefooncel, wachtlokaal voor een openbaar vervoermiddel, parkeerdek of -garage, (overdekte) winkelpassage, rijwielstalling of een andere soortgelijke, voor het publiek toegankelijke ruimte dan wel deze te verontreinigen of te gebruiken voor een ander doel dan waarvoor de desbetreffende ruimte is bestemd.
Het verbod geldt niet voor in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 424, 426bis of 431 van het Wetboek van Strafrecht of artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.
HOOFDSTUK 2
Artikel 2:20
Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen en voor het publiek toegankelijke ruimten
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Emmen 2012