Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Voorschriften voor parkeervergunningen

Onderdeel van Parkeerverordening 2012

1.. De parkeervergunning bevat in ieder geval de volgende gegevens: de periode waarvoor de vergunning geldt; het gebied waarvoor de vergunning geldt; het kentekenen. 2.. Aan de vergunning worden de volgende voorschriften verbonden: de parkeervergunning is uitsluitend geldig voor het parkeren met een motorvoertuig waarvan de in lid 1 sub c van dit artikel bedoelde vermelding van het kenteken en/of de naam van de vergunninghouder, aan de voorzijde van de parkeervergunning is vermeld; tijdens het parkeren moet de vergunning in de linkerbenedenhoek achter de voorruit zijn aangebracht. Dit dient zodanig te gebeuren dat de voorzijde van de vergunning duidelijk vanaf de buitenkant van het motorvoertuig te lezen is. Dit voorschrift is niet van toepassing indien technologische ontwikkelingen het mogelijk maken om de parkeerregulering zonder zichtbare parkeervergunning uit te voeren (‘kentekenparkeren’); indien één of meer van de hiervoor genoemde voorschriften niet worden nageleefd, wordt dit voor de uitvoering van deze verordening beschouwd als parkeren zonder vergunning; de vergunning blijft eigendom van de gemeente Enkhuizen.

Rechtspraak bij dit artikel