Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Verplichtingen voor het kindcentrum

Onderdeel van Regeling bekostiging Voor- en Vroegschoolse Educatie in de kinderopvang

1.. In aanvulling op artikel 7 ASV dient het kindcentrum: ingeschreven te staan bij het landelijk register kinderopvang; te voldoen aan alle vereisten in de Wet OKE voor VVE groepen en aan de Wet; te voldoen aan de eisen die gesteld worden in de Wet op het onderwijstoezicht met betrekking tot de kwaliteit van de educatie; 2.. Een doelgroepkind krijgt voorrang bij plaatsing op een VVE groep en wordt bij een eventuele wachtlijst bovenaan geplaatst. Indien het om meerdere doelgroepkinderen gaat, worden de kinderen in volgorde van aanmelding op een eventuele wachtlijst geplaatst. 3.. Duurt de wachtlijst langer dan 3 maanden voor plaatsing op een VVE groep, dan dient een normale groep geschikt gemaakt te worden als VVE groep. Bij plaatsing van een VVE kind speelt de voorkeur voor een bepaald dagdeel van de ouders geen leidende rol. Gedurende de wachtlijstperiode van maximaal 3 maanden wordt een VVE kind wel tijdelijk voor het derde dagdeel op een niet VVE groep geplaatst tot het moment dat een VVE plaats vrij komt. 4.. De ouderbijdragen worden geïnd volgens de volgende systematiek: Alle ouders van doelgroepkinderen betalen een ouderbijdrage die overeenkomt met de ouderbijdrage die het Ministerie van OCW jaarlijks vaststelt voor VVE, met uitzondering van ouders tot een gezamenlijk inkomen van € 28.800. Bij deze ouders wordt het derde dagdeel per week niet in rekening gebracht. 5.. Wanneer de inkomenssituatie van de ouders niet aangeleverd wordt, wordt het hoogste tarief in rekening gebracht. 6.. Het kindcentrum brengt de kosten maandelijks in rekening bij de ouders. Op de rekening worden de kosten van kinderopvang, de tegemoetkoming van de gemeente en de eigen bijdrage van de ouder apart vermeld. 7.. Een door de ouders ondertekend exitformulier wordt bij uitschrijving van het doelgroepkind tezamen met de driemaandelijkse rekeningen bij het college ingediend. 8.. Ouders moeten betrokken worden bij het voorkomen van achterstanden bij hun kinderen. 9.. Op iedere VVE groep staan 2 leidsters met een geldig VVE certificaat; 10.. Het kindcentrum draagt zorg voor een registratiesysteem van doelgroepkinderen volgens de wettelijke bepalingen. Verder werkt het kindcentrum mee aan resultaatregistratie. 11.. Op verzoek van de gemeente participeert het kindcentrum actief in een werkgroep ter evaluatie of bijstelling van het onderwijsachterstandenbeleid in de gemeente Brummen. 12.. Op de teldatum 1 oktober wordt door het kindcentrum ten behoeve van de landelijke GOA monitor o.a. het aantal doelgroepkinderen (onderverdeeld naar gewichtenkinderen en geen gewichtenkinderen) geteld. Deze informatie wordt voor 15 oktober van het desbetreffende jaar aan de gemeente verstrekt. 13.. Doelgroepkinderen worden warm overgedragen. Dat betekent dat de overdracht plaatsvindt via een driegesprek met peuterleidster/kinderopvangleidster, kleuterleidster en ouders. 14.. Het kindcentrum onderhoudt regulier contact met het CB, het algemeen maatschappelijk werk, de scholen en het Centrum voor Jeugd en gezin (CJG).

Rechtspraak bij dit artikel