Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6

Artikel 6.5

Hoe kent het college de voorziening toe?

Onderdeel van Verordening Onderwijsvoorzieningen van de gemeente Ede

Het college kent de voorziening toe op basis van het aantal leerlingen. Op basis hiervan stelt het college de voorziening ook vast. Het gaat om het aantal leerlingen op 1 oktober van het jaar dat voorafgaat aan het schooljaar. Gebruikt een school voor primair of (voortgezet) speciaal onderwijs een lokaal voor bewegingsonderwijs? En is het schoolbestuur hiervan juridisch eigenaar? Dan geeft het college een vergoeding. De vergoeding bestaat uit een vast bedrag en een variabel bedrag. Het college stelt een variabel bedrag vast per uur en een vast bedrag per jaar. Deze bedragen zijn bestemd voor: het onderhoud volgens de bepaling van de onderwijswetten; de materiële instandhouding; vervanging en aanpassing van het onderwijsleerpakket en meubilair. De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van: het stichtingsjaar van de accommodatie voor bewegingsonderwijs; de oppervlakte van de oefenzaal; het aantal uren dat de zaal door het onderwijs gebruikt wordt. Voor de hoogte van de vergoeding hanteert het college de onderstaande tabel. Jaarlijks indexeert het college de hoogte van de vergoeding met het indexcijfer dat de Vereniging van Nederlandse Gemeenten adviseert. Stichtingsjaar Vaste kosten (excl. verzekering en ozb) Variabele kosten (per klokuur/ per jaar) Tot 1987 < 90 m2 2.723,80 330,95 90-130 m2 3.495,08 418,79 130-170 m2 3.821,60 451,94 170-190 m2 3.647,02 494,48 190-230 m2 3.492,88 544,76 > 230 m2 3.953,11 609,40 Vanaf 1987 > 252 m2 3138,73 554,16

Rechtspraak bij dit artikel