Naar hoofdinhoud
1. Deze regeling is gebaseerd op artikel 35, 1e en 3e lid van de Wet werk en bijstand. 2. De bepalingen zoals vermeld in de Wet werk en Bijstand zijn onverkort van toepassing op deze regeling; 3. Om in aanmerking te komen voor deze regeling dient men te behoren tot de volgende doelgroep:a. Personen die gebruik maken van langdurige thuiszorg of;b. Personen die een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangen tegen een percentage van 80-100% of;c. Personen die een voorziening ontvangen op grond van de Wet Voorzieningen Gehandicapten of;d. Personen die in het bezit zijn van een gehandicaptenparkeerkaart of; e. Personen van 65 jaar of ouder. 4. Indien recht bestaat op de langdurigheidtoeslag vervalt het recht op deze regeling; 5. Onder huishouden wordt verstaan de alleenstaande, alleenstaande ouder en gezin die een zelfstandige bewoning voeren; 6. Onder zelfstandige bewoning wordt verstaan een woning waarvoor huursubsidie kan worden verkregen, dan wel een door de eigenaar zelf of zijn gezin bewoonde woning; 7. Belanghebbende dient zijn inkomenspositie te bewijzen door salarisspecificaties, uitkeringsspecificaties of bank-/giroafschriften dan wel jaaropgaven of belastingopgaven; 8. Zelfstandigen dienen de inkomenspositie te bewijzen door het overleggen van de jaarcijfers over het jaar voorafgaande aan het jaar van de aanvraag; 9. De noodzaak van het gebruik maken van langdurige thuiszorg moet worden aangetoond met een besluit van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ), waarin is vastgesteld dat langer dan 6 maanden thuiszorg nodig is; 10. Belanghebbende dient bij arbeidsongeschiktheid een nog geldende beslissing van het Uitvoeringinstituut werknemersverzekeringen te overleggen waarin een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80-100% is vastgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel