Naar hoofdinhoud
Het college kan een loonkostensubsidie aan een werkgever verstrekken om daarmee het opdoen van werkervaring of de overgang naar een arbeidsovereenkomst bij de betreffende werkgever of een andere werkgever voor de uitkeringsgerechtigde of sw-geïndiceerde mogelijk te maken. Loonkostensubsidie aan werkgevers is mogelijk ten behoeve van arbeidsplaatsen, met een minimale duur van 1 maand, die worden vervuld door uitkeringsgerechtigden in het kader van een re-integratietraject. Loonkostensubsidie aan werkgevers is mogelijk ten behoeve van arbeidsplaatsen, met een minimale duur van 12 maanden, die worden vervuld door sw-geïndiceerden in het kader van begeleid werken. De loonkostensubsidie verstrekt per uitkeringsgerechtigde wordt gebaseerd op het startloon van de werknemer en kan nooit hoger zijn dan de bijstandsuitkering. De loonkostensubsidie verstrekt per sw-geïndiceerde wordt gebaseerd op het startloon van de werknemer, afgestemd op de ontbrekende loonwaarde en kan nooit hoger zijn dan 100% van het bruto wettelijk minimumjeugdloon (WML) inclusief vakantiegeld en werkgeverslasten. De loonkostensubsidie verstrekt per uitkeringsgerechtigde is volgens de volgende systematiek opgebouwd: de subsidie voor een uitkeringsgerechtigde, die gedurende 6 maanden tot en met 12 maanden bijstand ontvangt, bedraagt: de eerste 3 maanden tot een maximum bedrag van € 400,00 per maand; - de volgende 3 maanden tot een maximum bedrag van € 300,00 per maand. de subsidie voor een uitkeringsgerechtigde, die gedurende 13 maanden tot en met 24 maanden bijstand ontvangt, bedraagt: de eerste 6 maanden tot een maximum bedrag van € 600,00 per maand; - de volgende 6 maanden tot een maximum bedrag van € 400,00 per maand. de subsidie voor een uitkeringsgerechtigde, die meer dan 24 maanden bijstand ontvangt en een persoon die aansluitend op het dienstverband in het kader van de Wet Inschakeling Werkzoekenden en het Besluit ID-banen een regulier dienstverband krijgt, bedraagt: de eerste 6 maanden tot een maximum bedrag van € 800,00 per maand; - de volgende 6 maanden tot een maximum bedrag van € 600,00 per maand; - de daarop volgende 6 maanden tot een maximum bedrag van € 400,00 per maand. De loonkostensubsidie wordt naar evenredigheid van deeltijdfactor en het aantal maanden dienstverband in het betreffende subsidiejaar vastgesteld. De duur van loonkostensubsidie voor een uitkeringsgerechtigde (niet zijnde sw-geïndiceerde) bedraagt maximaal 18 maanden. De duur van de vastgestelde loonkostensubsidie voor een sw-geïndiceerde is afhankelijk van de in de loonwaardebepaling opgenomen geldigheidsduur, dan wel het aantal maanden dienstverband in het betreffende subsidiejaar. De loonkostensubsidie moet worden aangevraagd uiterlijk drie maanden na de ingangsdatum van de eerste arbeidsovereenkomst. Voor het aanvragen van de loonkostensubsidie dient de werkgever gebruik te maken van een formulier dat door het college is vastgesteld. Het college stelt de loonkostensubsidie telkens na afloop van het kalenderjaar of na afloop van de overeengekomen periode vast op basis van de door het college te bepalen en door de werkgever aan te leveren documenten. Het college kan voorschotten verstrekken als aan de voorwaarden van de subsidieverstrekking is voldaan. Betaling vindt plaats na overlegging van kopieën van de loonstroken. Voorschotten worden eerst verrekend met de vastgestelde loonkostensubsidie of met voorschotten over eenzelfde of een volgend kalenderjaar. Als een werkgever meerdere loonkostensubsidies ontvangt, kunnen voorschotten op de ene subsidie met een vastgestelde andere subsidie op grond van dit uitvoeringsbesluit worden verrekend. De loonkostensubsidie is mogelijk ten behoeve van een werkgever met of zonder winstoogmerk.

Rechtspraak bij dit artikel