De Toeslagenverordening Wet werk en bijstand Intergemeentelijke Sociale Dienst BOL 2011 wordt als volgt gewijzigd:
Artikel 3 vervalt.
Artikel 4 lid 3 vervalt.
Artikel 5 lid 2 vervalt.
Onder vernummering van hoofdstuk 4 'Slotbepalingen' tot hoofdstuk 5, waarbij in dit hoofdstuk artikel 10 'Onvoorziene omstandigheden en hardheidsclausule' vernummerd wordt tot artikel 12, artikel 11 'Inwerkingtreding' vernummerd wordt tot artikel 13 en artikel 12 'Citeertitel' vernummerd wordt tot artikel 14, wordt een nieuw hoofdstuk 4 ingevoegd dat luidt als volgt:
'Regelingen in verband met de wijzigingen in de Wet werk en bijstand (WWB) en intrekking van de Wet investeren in jongeren (WIJ) per 1 januari 2012'.
In dit nieuwe hoofdstuk 4 wordt het hierna volgende artikel ingevoegd.
Artikel 10 wordt ingevoegd met als opschrift 'Wijziging betekenis begrippen'.
Artikel 10 luidt als volgt:
Waar in deze verordening de begrippen 'alleenstaande', 'alleenstaande ouder' en 'gezin' worden gebruikt, hebben deze vanaf 1 januari 2012 dezelfde betekenis als in artikel 4 van de wet.
Waar in deze verordening wordt gesproken over 'gehuwde(n)' of 'gehuwdennorm' hebben deze begrippen vanaf 1 januari 2012 dezelfde betekenis als 'gezin', bedoeld in artikel 4, respectievelijk 'gezinsnorm', bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de wet.
Artikel 11 wordt ingevoegd met als opschrift 'Intrekking WIJ'.
Artikel 11 luidt als volgt:
In afwijking van artikel 2 zijn de bepalingen van deze verordening vanaf 1 januari 2012 evenzo van toepassing op personen van 21 jaar of ouder doch jonger dan 27 jaar.
De toeslag op grond van artikel 4 en 5, wordt voor een alleenstaande van 21 jaar verlaagd met 20% van het netto minimumloon.
De toeslag op grond van artikel 4 en 5, wordt voor een alleenstaande van 22 jaar verlaagd met 10% van het netto minimumloon.
De verlaging bedraagt maximaal 100% van de toegekende toeslag.
Artikel II
Artikel II
Onderdeel van Verordening tijdelijke regels aanscherping Wet Werk en Bijstand 2012