Uitgezonderd gevallen waarin de compensatiebepalingen van de
Europese Habitatrichtlijn, dan wel de Natuurbeschermingswet van
toepassing zijn, dient de aanvrager tegelijk met zijn aanvraag voor
de concrete ruimtelijke ingreep een compensatieplan te overleggen,
waarin op een integrale en nauwgezette wijze in elk geval de
volgende aspecten worden beschreven:
a. de bestaande waarden van het betrokken gebied in relatie
tot de omgeving; b. de redelijkerwijs te verwachten effecten
van de voorgenomen ruimtelijke ingreep op deze waarden;
c. de in artikel 2, eerste lid, bedoelde maatregelen; d. de
financiering van de te treffen maatregelen;
de ruimtelijke ingreep zelf;
het zwaarwegend maatschappelijk belang;
waar en hoe compensatie wordt voorgesteld.
Burgemeester en wethouders verlenen slechts medewerking aan de
ruimtelijke ingreep indien geen andere geschikte locatie voor het te
dienen maatschappelijk belang als bedoeld in artikel 2, eerste lid
aanwezig is en dit maatschappelijk belang op een adequate wijze is
aangetoond.
Afhankelijk van de situatie kunnen burgemeester en wethouders nadere
eisen stellen met betrekking tot de inhoud van het in het eerste lid
bedoelde plan en de te volgen procedure. De gemeente pleegt
hieromtrent vooraf overleg met de aanvrager.
Het in het eerste lid bedoelde compensatieplan wordt tegelijkertijd
met de aanvraag ingediend.
Artikel 3
Verantwoordelijkheden
Onderdeel van Compensatieverordening bos en natuur gemeente Aa en Hunze