De voorzitter en leden van de commissie ontvangen voor het bijwonen van de vergadering van de commissie een vergoeding.
De in het eerste lid bedoelde vergoeding wordt toegekend per hoorzitting en is gelijk aan de vergoeding zoals die jaarlijks door de Minister van Binnenlandse Zaken op grond van artikel 95, lid 2 van de Gemeentewet wordt vastgesteld bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur ten behoeve van niet raadsleden voor het bijwonen van commissievergaderingen.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 18
Vergoeding commissieleden
Onderdeel van Reglement inzake de afhandeling van klaagschriften