Het bevoegd gezag verstrekt aan het college gegevens die
noodzakelijk zijn voor de uitvoering van het bepaalde in deze
verordening.
De in het eerste lid bedoelde gegevens worden onderscheiden in:
basisgegevens, zijnde gegevens die eenmalig in hun
geheel worden verstrekt en vervolgens alleen in geval
van wijziging worden gemeld bij het college;
periodieke gegevens, zijnde gegevens die regelmatig door
het bevoegd gezag dienen te worden verstrekt.
De in het tweede lid onder a genoemde basisgegevens omvatten:
gegevens over het bevoegd gezag, bestaande uit naam,
adres, denominatie en vestigingsplaats, alsmede een
opgave van een contactpersoon inzake aangelegenheden
aangaande de huisvesting;
gegevens over de onder het beheer van het bevoegd gezag
staande school of scholen die geheel of gedeeltelijk
gehuisvest zijn in een gebouw gelegen in de gemeente,
bestaande uit het Brin nummer, naam, adres,
onderwijssoort en eventuele onderwijsafdelingen en, voor
zover van toepassing, de aanduiding of de school bestaat
uit een hoofdvestiging met een of meer
nevenvestigingen;
gegevens over de bij de school of nevenvestiging in
gebruik zijnde gebouwen gespecificeerd per gebouw,
bestaande uit:
het adres;
de status van het gebouw zijnde hoofdgebouw of
dislocatie;
de bouwaard zijnde permanent of noodlokaal;
het bouwjaar zijnde het oorspronkelijk bouwjaar
of, ingeval het gebouw bestaat uit in
verschillende jaren gebouwde delen, de bouwjaren
onderscheiden naar gebouwdeel met de daarbij
behorende bruto vloeroppervlakte;
de bruto vloeroppervlakte van het gebouw
uitgedrukt in m²;
de genormeerde en feitelijke capaciteit van het
gebouw voor zover bestemd voor een school voor
basisonderwijs of een school voor (voortgezet)
speciaal onderwijs, te bepalen aan de hand van het
gestelde in bijlage III, deel A en B;
gegevens over de omvang van het medegebruik uitgedrukt
in het aantal groepen, voor zover het een school voor
basisonderwijs of een school voor (voortgezet) speciaal
onderwijs betreft en het aantal in medegebruik genomen
m² voor zover het voortgezet onderwijs betreft, te
verstrekken door de hoofdgebruiker van het gebouw waarin
het medegebruik plaatsvindt;
gegevens over het adres, het stichtingsjaar en de
oppervlakte van de oefenzaal indien een bevoegd gezag
van een niet door de gemeente in stand gehouden school
voor basisonderwijs, school voor (voortgezet) speciaal
onderwijs of school voor voortgezet onderwijs eigenaar
is van een gymnastiekruimte.
De in het tweede lid onder b genoemde periodieke gegevens
omvatten:
een afschrift van de jaarlijkse opgave aan de minister
van het aantal leerlingen dat op de wettelijk teldatum
staat ingeschreven op de school, die geheel of
gedeeltelijk gehuisvest is in een gebouw gelegen op het
grondgebied van de gemeente;
een afschrift van een tussentijdse opgave aan de
minister van het aantal leerlingen dat staat
ingeschreven op de school in verband met een groei van
het aantal leerlingen;
indien de school gedeeltelijk is gehuisvest in een of
meer locaties op het grondgebied van de gemeente, een
opgave van het aantal leerlingen op de wettelijke
teldatum per locatie.
De onder 1o en 2o vermelde gegevens worden door het
bevoegd gezag tegelijkertijd met de opgave aan de
minister verstrekt aan het college. De onder 3o vermelde
gegevens worden door het bevoegd gezag gevoegd bij de
jaarlijkse opgave als bedoeld onder 1o.
Een bevoegd gezag van een school voor basisonderwijs of een
school voor (voortgezet) speciaal onderwijs verstrekt jaarlijks
vòòr 1 april voorafgaande aan het volgende schooljaar een opgave
van de voor dat schooljaar voor de school gewenste
onderwijsgebruik van een gymnastiekruimte. Deze opgave bevat de
volgende gegevens:
de gewenste omvang van het onderwijsgebruik uitgedrukt
in een aantal klokuren;
de aanduiding van de gymnastiekruimte of ruimten waarin
het gebruik wordt gewenst;
de tijden waarop het onderwijsgebruik gedurende een
schoolweek wordt gewenst.
In aanvulling op de in het eerste tot en met vijfde lid bedoelde
gegevens verstrekken de bevoegde gezagsorganen op verzoek van
het college alle inlichtingen die nodig zijn voor de uitvoering
van deze verordening. Hieronder kunnen in ieder geval zijn
begrepen:
een oordeel over de juistheid en volledigheid van door
burgemeester en wethouders voorgelegde gegevens die
betrekking hebben op het bevoegd gezag;
inlichtingen die noodzakelijk zijn voor het opmaken van
de staat van het onderhoud als bedoeld in artikel
37.
Hoofdstuk
Artikel 5
Informatieverstrekking
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Aa en Hunze 2006