Het college kan aan personen als bedoeld in artikel 1 onder lid a, b en c een premie verstrekken voor het verrichten van onbetaalde maatschappelijke nuttige activiteiten als bedoeld in artikel 10 van deze verordening.
Het college stelt bij uitvoeringsbesluit regels ten aanzien van de verstrekking van de premie. Hierbij wordt in elk geval aandacht besteed aan de hoogte van de premies.