Lid 1 Intrekkingsgronden.
De verstrekking van individuele voorzieningen is gebonden aan voorwaarden. Deze zijn in de voorgaande hoofdstukken van deze verordening en in besluit en beleidsregels beschreven. Het is belangrijk dat de belanghebbende weet aan welke voorwaarden hij moet voldoen door deze duidelijk te vermelden in een beschikking.
Mocht er sprake zijn van een, om wat voor reden dan ook, ten onrechte toegekende voorziening, dan vergemakkelijkt een duidelijke formulering in de beschikking een eventuele beëindiging of terugvordering van (het recht op) een voorziening, omdat de betrokkene zich dan niet kan beroepen op onbekendheid met de feiten.
Intrekking is ook mogelijk, als de belanghebbende in gebreke blijft zijn eigen bijdrage binnen de gestelde termijn te voldoen en na aanmaning te voldoen of indien de aanvrager blijkt recht te hebben op vergoedingen of verstrekkingen van derden.
Als de belanghebbende deze voorwaarden niet nakomt kan het college van burgemeester en wethouders de afgegeven beschikking geheel of gedeeltelijk intrekken.
Lid 2 Intrekken persoonsgebonden budget.
Indien de voorziening is verstrekt in de vorm van een persoonsgebonden budget is de belanghebbende verplicht om binnen 6 maanden na de beschikking de voorziening aan te schaffen. Bij een woningaanpassing geldt een termijn van 12 maanden na beschikking dat de woning moet zijn aangepast.
Lid 3 Misdragen en misbruik
De belanghebbende is niet verantwoordelijk te houden voor zijn wangedrag of misbruik als hij door een ziekte of stoornis geen controle heeft over zijn gedrag of bewegingen.
Hoofdstuk 10.
Artikel 10.2.
Intrekking van een voorziening.
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Eindhoven (2012)