**1..** Alle kamers bestaan uit een voorzitter en ten minste twee leden.
**2..** de voorzitter en de leden worden per kamer benoemd, geschorst en ontslagen door het college;
iedere kamer regelt de tijdelijke vervanging van de voorzitter;
het college benoemt een genoegzaam aantal roulerende leden.
**3..** van kamer 1 is de voorzitter géén ingezetenen van de gemeente. Ten minste één lid mag woonachtig zijn in de gemeente. De overige leden zijn geen ingezetene van de gemeente;
van kamer 2 zijn de voorzitter en de leden géén ingezetenen van de gemeente;
bij de voorzitter en de leden van kamer 3 speelt ingezetenschap van de gemeente geen rol.
**4..** De voorzitters en de leden kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder de verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan.
Hoofdstuk II › Paragraaf 1
Artikel 3.
Samenstelling van de commissiekamers
Onderdeel van Verordening commissie bezwaarschriften Bergen 2008