Het college kan met inachtneming van artikel 9, tweede lid, van de WWB en artikel 37a van de Ioaw en de Ioaz bepalen dat aan belanghebbende tijdelijk, geheel of gedeeltelijk, ontheffing wordt verleend. Dit op basis van in het beleidsplan als bedoeld in artikel 3 vast te leggen criteria, onder meer:
indien de combinatie van zorg en arbeid of de combinatie van zorg en voorziening niet mogelijk is voor alleenstaande ouders;
indien belanghebbende om psychische dan wel medische redenen niet in staat is om te werken;
indien voor personen die ouder zijn dan 57,5 jaar er geen sprake meer is van uitzicht op werk.
Het college geeft binnen de kaders die de wet daartoe stelt maximaal invulling aan de afweging in de combinatie zorg en arbeid van een alleenstaande ouder met minderjarige kinderen door:
De wens om zelf invulling te geven aan de zorgplicht van een alleenstaande ouder met jonge kinderen tot 5 jaar en gehandicapte kinderen tot 18 jaar te respecteren;
De alleenstaande ouder met kinderen van 5 tot 12 jaar (laatste jaar basisonderwijs afgesloten) te verplichten in ieder geval minimaal 20 uur per week voor de arbeidsplicht beschikbaar te zijn.
Ontheffing van de arbeidsplicht wordt slechts voor een door het college vast te stellen periode verleend.
Na verloop van de periode als bedoeld onder punt 2 wordt het besluit tot ontheffing heroverwogen.
Paragraaf
Artikel 7
Criteria ontheffing arbeidsplicht
Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand 2005 gemeente Bunschoten