In deze verordening wordt verstaan onder:
ASA 2004: Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2004;
college: college van burgemeester en wethouders van Amsterdam;
culturele infrastructuur: het samenhangend geheel van functionele en vrije ruimte die samen het culturele leven van Amsterdam bepalen;
gemeenteraad: gemeenteraad van Amsterdam;
Hoofdlijnennota: de door de gemeenteraad vastgestelde nota, waarin het inhoudelijke beleid ten aanzien van de kunst en cultuur, de cultuurpolitieke doelen en het financiële kader voor een periode van vier jaar is uitgezet;
Inrichtingseisen: de door de gemeenteraad vastgestelde eisen behorende bij de Hoofdlijnennota over de door de aanvrager te verstrekken informatie en de wijze waarop;
Kunstenplan: de door de gemeenteraad ter uitwerking van de Hoofdlijnennota vastgestelde nota over het gemeentelijk beleid en de verdeling van de middelen over de instellingen in de culturele infrastructuur;
Kunstenplanperiode: vierjaarlijkse periode waarvoor op basis van deze verordening subsidie wordt verstrekt;
Kunstraad: de Amsterdamse Kunstraad;
Kunstschouw: een bijzondere adviseur van het college en de gemeenteraad;
Verkenning: het beeld van het culturele landschap, aanwezige functies en hun spreiding binnen de stad, een overzicht van de sterkten en zwakten binnen de cultuursector, de relatie met andere portefeuilles en stadsdelen;
Vooruitblik: een beschouwende analyse op basis van onder meer de vigerende cultuurpolitieke doelen, resulterend in een advies met aanbevelingen voor het beleid van het gemeentebestuur.
Hoofdstuk
Artikel 1
Definities
Onderdeel van Bijzondere subsidieverordening periodieke subsidiëring in het kader van de Hoofdlijnennota en het Kunstenplan