Naar hoofdinhoud
1.. In de Hoofdlijnennota zijn de functionele ruimte en vrije ruimte van de culturele infrastructuur en de daarbij behorende criteria opgenomen. 2.. In de Hoofdlijnennota is bepaald of een functie door één of meerdere instellingen kan worden vervuld. 3.. Op basis van deze verordening komen in aanmerking voor subsidie instellingen die in Amsterdam zijn gevestigd en: waarvan de activiteiten onlosmakelijk verbonden zijn met Amsterdam vanwege een lange traditie, vanwege verantwoordelijkheden die zij dragen voor de gebouwen of collecties of unieke huisbespelers zijn van podia en uit hoofde van een of meerdere van deze eigenschappen onmiskenbaar verbonden zijn met een specifieke functie binnen de culturele infrastructuur; waarvan de activiteiten kunnen samenvallen met een functie binnen de culturele infrastructuur die nodig zijn om te voldoen aan de veelzijdige vraag van het publiek; waarvan de activiteiten vallen binnen en voldoen aan de criteria geldend voor de vrije ruimte van de culturele infrastructuur. 4.. De gemeenteraad wijst op voordracht van het college de in het derde lid onder a bedoelde instellingen aan.

Rechtspraak bij dit artikel