Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1 › Afdeling 1.3 › § 1.3.4.

Artikel 1:13

subsidiëring van gratis ter beschikking gestelde ruimtes

Onderdeel van Beleidsregels Subsidieverstrekking Maatschappelijke Ondersteuning 2007

1.. De huisvestingskosten van de voor gratis huisvesting in aanmerking komende activiteiten worden rechtstreeks gesubsidieerd aan het bestuur van de gemeentelijke of daarmee gelijk te stellen welzijnsaccommodatie waarin de activiteiten plaatsvinden. 2.. De wijze waarop de in het eerste lid genoemde subsidie wordt berekend is afhankelijk van de wijk waarin de welzijnsaccommodatie gelegen is. Indien een accommodatie gelegen is in één van de door het College aan te wijzen aandachtswijken, wordt aan de betreffende accommodatie een maatwerksubsidie verleend. Dat wil zeggen een subsidie waarmee het accommodatiebestuur in staat moet worden geacht om een sluitende exploitatie te realiseren. De hoogte van deze maatwerksubsidie wordt eens in de 5 jaar door het College vastgesteld. In het subsidieprogramma wordt jaarlijks vermeld welke wijken als aandachtswijk aangemerkt worden. 3.. Indien een accommodatie niet in een aandachtswijk ligt, ontvangt het bestuur van die accommodatie een normbedrag voor elk dagdeel dat zij gratis huisvesting biedt aan een welzijnsactiviteit van een door de gemeente erkende organisatie. 4.. De in lid 3 genoemde normbedragen zijn voor gemeentelijke welzijnsaccommodaties in 2007 vastgesteld op € 45,- per dagdeel voor het gebruik van een grote ruimte (tenminste 100 m2) en op € 22,50 per dagdeel voor het gebruik van een kleine ruimte (kleiner dan 100 m2). 5.. De in lid 3 genoemde normbedragen zijn voor niet-gemeentelijke welzijnsaccommodaties in 2007 vastgesteld op € 55,- per dagdeel voor het gebruik van een grote ruimte (tenminste 100 m2) en op € 27,50 per dagdeel voor het gebruik van een kleine ruimte (kleiner dan 100 m2). 6.. Het College kan de in lid 4 en 5 genoemde normbedragen jaarlijks wijzigen. Indien dit het geval is, zal dit in het subsidieprogramma van dat jaar aangegeven worden. 7.. De normbedragvergoeding voor de in lid 3 genoemde accommodaties kan niet meer bedragen dan € 15.000,- per erkende gebruiker per jaar. 8.. In afwijking van het gestelde in lid 3 kan aan besturen van jongerencentra en aan besturen van accommodaties met een stedelijke functie een subsidie verleend worden op basis van een in te dienen kostenbegroting.

Rechtspraak bij dit artikel