Naar hoofdinhoud
1.. De maatregel wordt opgelegd met ingang van de eerstvolgende kalendermaand, volgend op de datum waarop het besluit tot het opleggen van de maatregel aan belanghebbende is bekendgemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende grondslag. 2.. In afwijking van het eerste lid kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd, voorzover de uitkering nog niet is uitbetaald en voor zover de gedraging vóór de ingangsdatum van de maatregel heeft plaatsgevonden. 3.. Indien een maatregel niet of niet geheel kan worden uitgevoerd omdat de uitkering wordt of is beëindigd, kan het nog niet uitgevoerde deel van de maatregel alsnog ten uitvoer worden gelegd indien belanghebbende binnen een termijn van zes maanden na beëindiging opnieuw recht op uitkering heeft. 4.. Het college heroverweegt een besluit binnen een door hem te bepalen termijn die ten hoogste drie maanden bedraagt, voorzover de maatregel een periode van 3 maanden of langer bestrijkt.

Rechtspraak bij dit artikel