De in artikel 7 bedoelde rechten kunnen na voorafgaande
kennisgeving aan burgemeester en wethouders op de volgende wijze
worden afgekocht:
bij de uitgifte indien het een particulier graf betreft,
uitgegeven voor een termijn van
20 jaar, door betaling van het 20-voud daarvan;
bij de uitgifte indien het een algemeen graf betreft, uitgegeven
voor een termijn van 15 jaar, door betaling van het 15-voud
daarvan;
indien het een verlenging betreft, met 10 jaar of het veelvoud
daarvan zoals aangegeven in de beheersverordening in artikel 14
door betaling van het 10-voud of het veelvoud daarvan.
bij de uitgifte indien het een urnennis en urnengraf betreft,
uitgegeven voor 10 jaar als bedoeld in art.14, van de
beheersverordening, door betaling van het 10-voud daarvan.
indien het een verlenging betreft, met 5 jaar of een veelvoud
daarvan zoals aangegeven in de beheersverordening in artikel 14
door betaling van het 5-voud of het veelvoud daarvan.
tussentijdse afkoop, door betaling van de nog resterende jaren
van onderhoud.
Indien conform artikel 14, van de beheersverordening
begraafplaatsen, een verlenging plaatsvindt van de
uitgifte van een particulier graf, dient voor dezelfde
verlengingstermijn het uitsluitend recht tot begraven in
eens te worden voldaan, alsmede het verschuldigde
onderhoudsrecht door afkoop dan wel verlenging van de
jaarlijks te betalen aanslag.
De hoogte van de verschuldigde rechten is voor het uitsluitend recht
tot het begraven gerelateerd aan de genoemde bedragen in artikel 2 lid 3
en voor de onderhoudsrechten aan de genoemde bedragen in artikel 7 lid 1
van deze verordening. Met dien verstande dat de berekening van de hoogte
van de verschuldigde rechten wordt gerelateerd aan het aantal jaren dat
met de verlenging is gemoeid.