1. Het in artikel 6:2, eerste lid, genoemde aantal uren wordt voor de ambtenaar, bezoldigd naar salarisschaal 9 en hoger vermeerderd met 7,2 uren. Bepalend is de inschaling van de ambtenaar op 1 januari van het jaar of, in geval van indiensttreding in de loop van het jaar, de inschaling op het tijdstip van indiensttreding.
2. Het in artikel 6:2 genoemde aantal uren wordt voor de ambtenaar met een diensttijd van tenminste vijftien, vijfentwintig en vijfendertig dienstjaren danwel bij het bereiken van de leeftijd van vijfendertig, vijfenveertig en vijfenvijftig jaar vermeerderd met onderscheidenlijk 14,4 en 28,8 en 43,2 uren. Deze vermeerdering wordt voor het eerst genoten in het jaar, waarin de diensttijd van vijftien, vijfentwintig en vijfendertig dienstjaren, dan wel de leeftijd van vijfendertig, vijfenveertig of vijfenvijftig jaar wordt bereikt.
Hoofdstuk
Artikel 6:2:1:1