**1..** De uitoefening van gemandateerde bevoegdheden en het gebruik van verleende (onder)volmachten of machtigingen geschiedt binnen de grenzen van de vastgestelde taken en met inachtneming van:
het geldend recht of toepasselijke beleid; en
de beleidsregels, richtlijnen of uitvoeringsinstructies.
**2..** Het nemen van besluiten over, het vaststellen en ondertekenen van stukken die betrekking hebben op aangelegenheden met (mogelijke) financiële gevolgen geschiedt:
in overeenstemming met het bepaalde in de desbetreffende financiële verordening als bedoeld in artikel 213 Gemeentewet; en
conform een vastgestelde begroting waarbij financiële middelen beschikbaar zijn gesteld.
**3..** De (adjunct-) secretaris kan het afdelingshoofd en/of de individuele ambtenaar instructies of aanwijzingen geven met betrekking tot wijze van uitoefening van bevoegdheden in (onder)mandaat.
**4..** Het mandaat omvat tevens de bevoegdheid tot ondertekening van besluiten namens de mandaatgever.
**5..** De hoofden van de afdelingen kunnen ondermandaat verlenen aan (niet-ondergeschikte) medewerkers die op hun afdeling werkzaam zijn, onder goedkeuring van de (adjunct-) secretaris.