Onverminderd artikel 4, eerste lid, wordt de maatregel vastgesteld op:
vijf procent van de uitkeringsnorm bij gedragingen van de eerste categorie;
twintig procent van de uitkeringsnorm bij gedragingen van de tweede categorie;
veertig procent van de uitkeringsnorm bij gedragingen van de derde categorie;
honderd procent van de uitkeringsnorm bij gedragingen van de vierde categorie.
Hoofdstuk 2
Artikel 11.
De hoogte van de maatregel
Onderdeel van Maatregelenverordening IOAW en IOAZ Tiel 2012