Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1

Begripsomschrijvingen

Onderdeel van Marktverordening gemeente Leeuwarden

In deze verordening wordt verstaan onder: markt:  de warenmarkt, die krachtens besluit van het college van burgemeester en wethouders  (hierna te noemen college) wordt gehouden op de dagen  en plaatsen die in de  uitvoeringsbesluiten genoemd worden; marktterrein: de gehele oppervlakte aan openbare of voor het publiek toegankelijke grond, die bij besluit van het college voor het uitoefenen van de markthandel is aangewezen. De    grenzen van het marktterrein worden op plattegronden aangegeven; verkoopstandplaats (hierna te noemen standplaats): de ruimte die voor de duur van een markt is aangewezen voor het              uitoefenen van de markthandel; vaste standplaats: een standplaats die tot wederopzegging ter beschikking is gesteld aan de vergunninghouder; dagplaats: een standplaats die per marktdag beschikbaar wordt gesteld aan de vergunninghouder; standwerker: de marktkoopman die publiek om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van één artikel; standwerkersplaats: een dagplaats die ter beschikking wordt gesteld om te standwerken; vergunning- of standplaatshouder: ieder die van het college een vergunning heeft gekregen om gedurende een markt een standplaats in te nemen; marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college, of iemand die het college gemandateerd heeft; branchepatroon: de algemene indeling van de branches; brancheverdeling: lijst per markt van het maximaal aantal vergunningen per (soort) artikel, bedoeld ter bevordering van de diversiteit van het aanbod op de markt;

Rechtspraak bij dit artikel