Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Drank- en horecaverordening 2011

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: a) de wet: de Drank en Horecawet; b) alcoholhoudende drank: de drank die bij een temperatuur van twintig graden Celsius voor meer dan een half volumeprocent uit alcohol bestaat (artikel 1, eerste lid van de wet); c)  zwak-alcoholhoudende drank: alcoholhoudende drank, met uitzondering van sterke drank (artikel 1, eerste lid van de wet). d) sterke drank: de drank die bij een temperatuur van twintig graden Celsius voor vijftien of meer volumeprocent uit alcohol bestaat, met uitzondering van wijn (artikel 1, eerste lid van de wet); e) café: een inrichting, niet zijnde een discotheek of dancing, die tot hoofddoel heeft het verstrekken van alcoholhoudende en niet-alcoholhoudende dranken voor consumptie ter plaatse, met als mogelijke nevenactiviteit het verstrekken van kleine etenswaren, al dan niet ter plaatse bereid; f) discotheek/dancing: een inrichting die tot hoofddoel heeft het verstrekken van alcoholhoudende en niet-alcoholhoudende dranken voor gebruik ter plaatse waarbij het doen beluisteren van overwegend mechanische muziek en het gelegenheid geven tot dansen, een wezenlijk onderdeel vormen; g) horecabedrijf: de activiteit in ieder geval bestaande uit het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse (artikel 1, eerste lid van de wet); h) inrichting: de lokaliteiten waarin het slijtersbedrijf of het horecabedrijf wordt uitgeoefend, met de daarbij behorende terrassen voor zover die terrassen in ieder geval bestemd zijn voor het verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse, welke lokaliteiten al dan niet onderdeel uitmaken van een andere besloten ruimte (in artikel 1, eerste lid van de wet); i) snackbar/cafetaria: een inrichting die tot hoofddoel heeft het verstrekken van al dan niet voor consumptie ter plaatse bereide geringe etenswaren zoals belegde broodjes, patat frites en kroketten, met als nevenactiviteit het verstrekken van alcoholhoudende en niet-alcoholhoudende dranken; j) vergunning: het is verboden zonder daartoe strekkende vergunning van burgemeester en wethouders het horecabedrijf of slijtersbedrijf uit te oefenen (artikel 3 van de wet).

Rechtspraak bij dit artikel