Hierin wordt geregeld dat bij recidive van verwijtbare gedragingen van de tweede, derde en vierde categorie binnen twaalf maanden na de eerste verwijtbare gedraging het percentage waarmee de uitkering wordt verlaagd wordt verdubbeld. De gemeente heeft in deze beleidsvrijheid; er kan gekozen voor verhoging van het percentage van de maatregel dan wel verlenging van de duur van de maatregel, bijvoorbeeld van 1 naar 2 maanden. In het kader van het “lik op stuk” beleid verdient een verdubbeling van het percentage de voorkeur.
Bij verwijtbare gedragingen van de vijfde categorie is verdubbeling van het percentage niet mogelijk, hier wordt de maatregel gedurende een langere periode opgelegd (artikel 11, eerste lid sub b).