Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 8.2

Recht op een alternatieve voorziening

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning

1.. Om de resultaten zoals genoemd in hoofdstuk 2 van deze Verordening te bereiken zullen in eerste instantie de in hoofdstuk 3 t/m 7 genoemde voorzieningen worden ingezet. 2.. De ondersteuningsvrager kan voor een alternatieve voorziening zoals genoemd in artikel 8.1 in aanmerking komen als er op grond van het bepaalde in hoofdstuk 2 t/m 7 gecompenseerd moet worden en de voorzieningen zoals genoemd in hoofdstuk 3 t/m 7 van deze Verordening niet (voldoende) bijdragen aan het te bereiken resultaat waardoor er een andere oplossing gevonden moet worden. 3.. De ondersteuningsvrager kan voor een alternatieve voorziening zoals genoemd in artikel 8.1 in aanmerking komen als er op grond van het bepaalde in hoofdstuk 2 t/m 7 gecompenseerd moet worden en de alternatieve voorziening goedkoper is dan de voorzieningen zoals genoemd in hoofdstuk 3 t/m 7 van deze Verordening. 4.. Het verstrekken van een alternatieve voorziening geeft geen uitbreiding op het bepaalde in hoofdstuk 3 t/m 7. 5.. Als op grond van het bepaalde in hoofdstuk 2 t/m 7 van deze Verordening geen recht is op een voorziening en de voorziening op grond van de het bepaalde in hoofdstuk 3 t/m 7 wordt geweigerd, zal er geen alternatieve voorziening zoals genoemd in artikel 8.1 worden verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel