Naar hoofdinhoud
1. In de gevallen waarin de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, is het belastingtijdvak de periode waarvoor de vergunning is verleend. 2. In andere dan de in het eerste lid bedoelde gevallen, is het belastingtijdvak de in het zomerseizoen gelegen aaneengesloten periode gedurende welke het belastbaar feit zich voordoet of heeft voorgedaan.

Rechtspraak bij dit artikel