In aanvulling op artikel 6:2:6, eerste lid, onder a kan de ambtenaar met een volledige betrekking in enig kalenderjaar, zonder voorafgaande toestemming van burgemeester en wethouders, maximaal 40 niet genoten vakantie-uren over schrijven naar het volgende kalenderjaar.
Op de ambtenaar met een onvolledige betrekking is een en ander naar evenredigheid van toepassing.
De niet genoten vakantie-uren, bedoeld in het vorige lid, worden voor 1 april van het daarop volgende kalenderjaar opgenomen, tenzij het belang van de dienst zich daartegen verzet.
Aan het begin van dat kalenderjaar maken de ambtenaar en zijn leidinggevende daarover afspraken.