De schoolleiding draagt zorg voor het opstellen van een besluitvormingsstructuur ten behoeve van binnen de school voorkomende ovedegvormen.
De besluitvormingsstructuur is gericht op het bevorderen van het functioneren van de schoolo"ganisatie en op de ontwikkeling van het algemeen beleid van de school.
De schoolleiding houdt rekening met de bepalingen van het directiestatuut, het leerlingenstatuut en het medezeggenschapsregiement respectievelijk de Wet Medezeggenschap Onderwijs 1992.
In de besluitvormingsstructuur wordt in ieder geval geregeld dat:
alle zaken van algemeen schooibelang in de school besproken kunnen worden;
ieder lid van de school in de gelegenheid wordt gesteld zijn mening te geven in de daarvoor bestemde overlegorganen;
de besluiten op dagelijks uitvoeringsvlak en niet vallend binnen het wettelijk vastgesteld kader van bevoegdheden van de medezeggenschapsraad worden genomen door de schoolleiding;
de schoolleiding alles in het werk zal stellen de besluitvorming te bevorderen door de medezeggenschapsraad vroegtijdig in te lichten en (zonodig) te adviseren.
afstemming plaatsvindt tussen de activiteiten van de schoolleiding en de medezeggenschapsraad.
De schoolleiding legt de in het eerste lid bedoelde besluitvormingsstructuur, daaronder elke wijziging ervan mede begrepen, als voorgenomen besluit voor aan de medezeggenschapsraad en legt het niet eerder ter vaststelling voor aan burgemeester en wethouders dan voor zover het besluit de instemming van de medezeggenschapsraad heeft verworven.
Burgemeester en wethouders stellen de besluitvormingsstructuur, daaronder elke wijziging ervan mede begrepen, definitief vast.
III. Het directiestatuut.