Het in voorgaande artikelen bedoeld onderwijs wordt in de schoolgebouwen en binnen de schooltijden overeenkomstig artikel 30 van de Wet op het basisonderwijs en artikel 40 van de Interimwet op het speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs gegeven aan de leerlingen van de daarvoor in aanmerking komende groepen, zulks ter beoordeling van burgemeester en wethouders, wier ouders, voogden of verzorgers, godsdienstonderwijs c.q. levensbeschouwelijk vormingsonderwijs voor hen wensen dan wel daartegen geen bezwaren hebben.