Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1

Artikel 3

De aanwijzing tot gemeentelijk monument, stads- of dorpsgezicht

Onderdeel van Monumentenverordening Gemeente Haarlemmermeer 2004

1 Burgemeester en wethouders kunnen, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende, een monument aanwijzen als gemeentelijk monument. 2 Burgemeester en wethouders kunnen, al dan niet op aanvraag van belanghebbenden, een groep van onroerende zaken aanwijzen als gemeentelijk stads- of dorpsgezicht. 3 De gemeenteraad kan ter bescherming van een gemeentelijk stads- of dorpsgezicht een bestemmingsplan vaststellen c.q. aanpassen als bedoeld in de Wet op de Ruimtelijke Ordening. 4 Voordat burgemeester en wethouders over een aanwijzing een besluit nemen, vragen zij advies aan de monumentencommissie. 5 Burgemeester en wethouders kunnen ten behoeve van de aanwijzing bepalen dat bouwhistorisch onderzoek wordt verricht. 6 Voordat burgemeester en wethouders een monument aanwijzen, voeren zij overleg met de eigenaar. 7 De aanwijzing kan geen monument dan wel stads- of dorpsgezicht betreffen dat is aangewezen op grond van de Monumentenwet of de monumentenverordening van de provincie Noord-Holland.

Rechtspraak bij dit artikel