**1..** Alle begrippen die in deze Verordening gebruikt worden en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet Werk en Bijstand (WWB) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
**2..** Deze Verordening verstaat onder
de wet: de Wet Werk en Bijstand;
IOAW: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers;
IOAZ: de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen;
uitkeringsgerechtigde: degene die een periodieke uitkering voor levensonderhoud ontvangt op grond van de wet, de IOAW of de IOAZ;
Anw-er: persoon die een uitkering ingevolge de Algemene nabestaandenwet ontvangt en die als werkloze werkzoekende staat ingeschreven bij het Centrum Werk en Inkomen;
niet-uitkeringsgerechtigde (nugger): een persoon als bedoeld in artikel 6 onder a. van de wet, maar ouder dan 18 jaar.
belanghebbende: een persoon die behoort tot de doelgroep als bedoeld in artikel 10 WWB en die aanspraak maakt op ondersteuning of aan wie ondersteuning wordt geboden; artikel 40 van de wet is overeenkomstig van toepassing;
werknemer in gesubsidieerde arbeid: werknemer als bedoeld in artikel 10, lid 2 van de wet;
doelgroep: de personen aan wie op grond van artikel 7, lid 1 onder a. van de wet door burgemeester en wethouders ondersteuning kan worden geboden;
voorzieningen: voorzieningen bedoeld in artikel 7, lid 1 onder a van de wet; een instrument binnen een traject dat ingezet wordt om belemmeringen bij aanvaarding van algemeen geaccepteerde arbeid weg te nemen;
arbeidsovereenkomst: een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht. Met een arbeidsovereenkomst wordt gelijkgesteld een aanstelling op grond van het ambtenarenrecht;
vrijwilligerswerk: het verrichten van onbetaalde maatschappelijk nuttige of dienstverlenende activiteiten gericht op arbeidsinschakeling;
arbeidsactivering: onbeloonde activiteiten die kwaliteiten die noodzakelijk zijn om te kunnen deelnemen aan het arbeidsproces in stand houden of verhogen;
traject: een met de belanghebbende overeengekomen, dan wel door burgemeester en wethouders aan hem opgelegd geheel van activiteiten gericht op het verkrijgen en behouden van betaalde arbeid;
wettelijk minimumloon: het wettelijk minimumloon dat van toepassing is op de werknemer, exclusief werkgeverslasten;
productiviteit: productiviteit van een gesubsidieerde werknemer als percentage van de productiviteit van een reguliere werknemer in een soortgelijke functie;
non-productiviteit: het verschil tussen de vastgestelde productiviteit van een reguliere werknemer in een soortgelijke functie en die van de gesubsidieerde werknemer;
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand gemeente Beuningen