Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 15.

Duur en hoogte

Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand gemeente Beuningen

1.. De duur en hoogte van de subsidie worden door burgemeester en wethouders vastgesteld op basis van een individuele afweging ten aanzien van de betreffende uitkeringsgerechtigde of persoon met een leerwerkplek. 2.. De loonkostensubsidie wordt slechts uitbetaald voor zover de arbeidsovereenkomst daadwerkelijk van kracht is en naar rato van een voltijds dienstverband. 3.. De subsidie wordt slechts verstrekt indien de arbeidsovereenkomst wordt aangegaan voor ten minste de duur van de referteperiode voor de WW. 4.. De duur van de subsidie bedraagt maximaal 1 jaar. 5.. De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal 80% van het voor de uitkeringsgerechtigde geldende wettelijk minimum loon en minimaal een bedrag ter compensatie van de non-productiviteit van de betreffende uitkeringsgerechtigde plus de kosten van begeleiding. 6.. De non-productiviteit wordt door burgemeester en wethouders vastgesteld. De kosten van begeleiding moeten door de werkgever worden aangetoond. 7.. De subsidie wordt alleen verstrekt indien hierdoor geen verdringing plaatsvindt van bestaande werkgelegenheid en de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed. 8.. De in dit artikel genoemde subsidie wordt verstrekt volgens de beleidsaanbeveling d.d. 7 april 2004 van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en voldoet daarmee aan de Verordening Werkgelegenheidssteun en de Verordening de minimis-steun van de Europese Gemeenschap. 9.. Voor subsidies van welke zijn toegekend vóór 1 januari 2005 op basis van artikel 6 van het Besluit In- en doorstroombanen (I/D-banen) of de tijdelijke gemeentelijke beleidsregels inzake I/D-banen in verband met de invoering van de WWB zoals vastgesteld door de Raad op 16 december 2003 geldt een overgangsregeling.

Rechtspraak bij dit artikel