Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8.

Artikel 36.

Afstemming en terugvordering

Onderdeel van Reïntegratieverordening Wet werk en bijstand gemeente Beuningen

1.. Een persoon die door burgemeester en wethouders een voorziening wordt aangeboden is verplicht hiervan gebruik te maken, en wel op zodanige wijze dat uitstroom naar betaalde arbeid onverkort kan plaatsvinden. 2.. De persoon die deelneemt aan een voorziening is gehouden de verplichtingen die voortvloeien uit de wet, de Wet Structuur Uitvoering Werk en Inkomen, artikel 7, alsmede de verplichtingen die burgemeester en wethouders aan de aangeboden voorziening hebben verbonden, na te komen. 3.. Burgemeester en wethouders kunnen de uitkering van een uitkeringsgerechtigde die deelneemt aan een voorziening en die niet voldoet aan het gestelde in het eerste of tweede lid verlagen conform hetgeen hierover is bepaald in de Afstemmingsverordening. 4.. Burgemeester en wethouders kunnen van een belanghebbende niet zijnde een uitkeringsgerechtigde, die gebruik maakt van een voorziening en die niet voldoet aan het gestelde in het tweede lid, de kosten van de voorziening dan wel de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen. 5.. Burgemeester en wethouders kunnen verstrekte premie(s) van de uitkeringsgerechtigde of de persoon als bedoeld in artikel 10 lid 2 geheel of gedeeltelijk terugvorderen indien de premie tot een te hoog bedrag of ten onrechte is vertrekt en de zij dit redelijkerwijs hadden kunnen begrijpen. 6.. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen met betrekking tot de terugvordering als bedoeld in lid 4.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel