Het college biedt aan inburgeringsplichtigen zoals benoemd in artikel
19, eerste lid van de Wet inburgering een voorziening aan.
Bij het vaststellen door het college van de groep
inburgeringsplichtigen waaraan een inburgeringsvoorziening wordt aangeboden,
wordt voorrang gegeven aan inburgeringsplichtigen met een algemene bijstandsuitkering of een
uitkering op grond van de sociale zekerheidswetten of sociale zekerheidsregelingen zoals
aangewezen bij algemene maatregel van bestuur.
De inburgeringsplichtige die door een partner uit het buitenland is
gehaald en die een verblijfsdocument krijgt op grond van het inkomen van de partner die
garant staat, krijgt geen voorziening aangeboden.
Het college kan op schriftelijke aanvraag ontheffing verlenen aan
inburgerings- plichtigen die naar hun eigen mening voldoende zijn ingeburgerd, maar
geen vrijstellend document kunnen overleggen en uit principiële gronden niet
bereid zijn tot het afleggen van een toets. Ontheffing wordt alleen verleend
als naar het oordeel van het college de inburgeringsplichtige aantoonbaar
voldoende is ingeburgerd.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 3
De doelgroep
Onderdeel van Verordening Wet inburgering gemeente Oisterwijk 2011