**1..** De aanvrager die een lijk wil doen begraven of as wil bezorgen, geeft
daartoe opdracht door middel van een door de beheerder vast te stellen
formulier.
**2..** De aanvrager die een lijk wil doen begraven of een asbus wil doen
bijzetten, of zijn gemachtigde, geeft daarvan uiterlijk op de ochtend
van de dag voorafgaande aan de dag waarop de begraving of bijzetting zal
plaatsvinden, kennis aan de beheerder. Daarbij wordt aangegeven ten
aanzien van welke van de in artikel 9, 10 en 11 bedoelde typen graven
men een grafrecht wil vestigen.
**3..** Indien de burgemeester overeenkomstig artikel 17 van de Wet op de
lijkbezorging verlof heeft verleend om het lijk binnen 36 uur na het
overlijden te begraven moet de kennisgeving aan de beheerder zo tijdig
mogelijk worden gedaan.
**4..** Bij de in het tweede en derde lid bedoelde kennisgeving dient het verlof
tot begraving van de ambtenaar van de burgerlijke stand of een ander
wettelijk daarmee gelijkgesteld document te worden overgelegd.
**5..** Indien het lijk binnen 36 uur na het overlijden wordt begraven dient
behalve het in het vierde lid bedoelde verlof of document ook het in het
derde lid bedoelde verlof van de burgemeester te worden overgelegd.
**6..** Indien de begraving of de bijzetting in een bestaand eigen graf zal
plaatsvinden, dient de toestemming daartoe aan de beheerder te worden
overgelegd. De machtiging moet zijn ondertekend door de
rechthebbende.
**7..** Het is verboden om een lijk te begraven in een zinken of andere metalen
of kunststof (binnen)kist.
**8..** Het is verboden om een lijk te begraven met gebruikmaking van een
lijkhoes die niet voldoet aan de voorwaarden van het Lijkomhulselbesluit
1998.
**9..** Het is verboden om in een kist of ander omhulsel voorwerpen of objecten
bij te sluiten die niet tot de kist of het lijk behoren, anders dan
kleine verteerbare grafgiften.
**10..** Bij het ter begraving aanbieden van een kist of ander lijkomhulsel dient
ten minste 24 uur voorafgaand aan het tijdstip van begraing een
schriftelijke verklaring te worden overgelegd - volgens een door het
college vast te stellen model - omtrent de aanwezigheid van de in
voorgaande leden bedoelde materialen en voorwerpen. Indien van een
lijkhoes gebruik wordt gemaakt, zal de aanbieder tevens moeten
overleggen a) een afschrift van een rapport waaruit blijkt dat de
gebruikte hoes voldoet aan de normen van het Lijkomhulselbesluit 1998 en
b) een bewijs dat de betreffende hoes is aangekocht.
Hoofdstuk 4.
Artikel 12
Over te leggen stukken
Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen 2005