De ‘Verordening toeslagen en verlagingen Wet Werk en Bijstand 2004’ wordt als volgt gewijzigd:
Artikel 1 ‘Begripsomschrijving’:
lid 2 sub b wordt vervangen door:
gezinsnorm: de norm als bedoeld in artikel 21 lid 1 van de wet;
de beschrijving van het begrip ‘verzorgingsbehoevende’ in lid 2 sub c wordt vervangen door:
degene ten aanzien van wie het college heeft vastgesteld dat hij niet tot een gezin behoort op grond van artikel 4 lid 5 van de wet.
Waar in de verordening de begrippen ‘alleenstaande’, ‘alleenstaande ouder’ en ‘gezin’ worden gebruikt, hebben deze vanaf 1 januari 2012 dezelfde betekenis als in artikel 4 van de wet.
Waar in de verordening wordt gesproken over ‘gehuwde(n)’ of ‘gehuwdennorm’ hebben deze begrippen vanaf 1 januari 2012 dezelfde betekenis als ‘gezin’, bedoeld in artikel 4, respectievelijk ‘gezinsnorm’, bedoeld in artikel 21 lid 1 van de wet.
In artikel 2 lid 1 wordt de tweede volzin vervangen door:
In geval van een gezin gelden de bepalingen van deze verordening uitsluitend indien alle gezinsleden jonger dan 65 jaar zijn en ten minste twee gezinsleden 21 jaar of ouder zijn.
Artikel 3 lid 3:
sub a komt in zijn geheel te vervallen;
sub b wordt vernummerd tot sub a;
sub c wordt vernummerd tot sub b;
sub d wordt vernummerd tot sub c.
Artikel 5 ‘Verlaging schoolverlaters’ komt in zijn geheel te vervallen.
Artikel 6 ‘Alleenstaande 21 en 22 jarigen’ wordt in zijn geheel vervangen door:
De verlaging bedoeld in artikel 29 van de wet bedraagt 10 procent van de gezinsnorm indien het een belanghebbende van 21 of 22 jaar betreft.
Voor een belanghebbende, die reeds op 31 december 2011 recht heeft op een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand dan wel op grond van de Wet investeren in jongeren, gelden de regels omtrent ‘toeslagen en verlagingen’ zoals die op 31 december 2011 voor hem of haar van toepassing waren.
De regels zoals bedoeld in het tweede lid gelden tot 1 juli 2012 of zoveel eerder als het recht op die uitkering eindigt.