De in artikel 7 genoemde exploitant betaalt als bijdrage in de
kosten van voorzieningen van openbaar nut het bedrag dat volgens
de in de artikelen 5 en 6 opgenomen wijze aan zijn onroerende
zaak wordt toegerekend, vermeerderd met de kosten op de afstand
van de in artikel 7, derde lid, sub d. bedoelde gronden vallende
en de kosten van kadastrale uitmeting, verminderd met de
inbrengwaarde zoals bedoeld in artikel 5, eerste lid, sub 1.,
onder a. van de bij de exploitant in eigendom zijnde of door
exploitant in eigendom te verkrijgen gebate gronden, en van de
gronden die zijn bestemd voor het treffen van voorzieningen van
openbaar nut en door exploitant aan de gemeente worden
afgestaan.
De waarde van de door de exploitant ingebrachte grond, zoals
bedoeld in het eerste lid, wordt door de gemeente in
overeenstemming met de exploitant op basis van taxatie
vastgesteld. Bij het ontbreken van overeenstemming wordt de
waarde van de gronden vastgesteld door een commissie van drie
deskundigen, van wie een aan te wijzen door de gemeente, een
door de exploitant en een door de beide reeds aangewezen
deskundigen.
Wordt over de aanwijzing van laatstgenoemde deskundige geen
overeenstemming verkregen, dan maken de aangewezen deskundigen tezamen
dit bekend aan de opdrachtgevers, waarna de meest gerede partij, onder
bekendmaking aan de wederpartij, de kantonrechter in het kanton waartoe
de gemeente behoort, kan verzoeken deze deskundige te benoemen.
In afwijking van het bepaalde in het eerste en tweede lid van
dit artikel wordt in het geval toepassing wordt gegeven aan
artikel 3, tweede lid, de ten laste van de exploitant komende
bijdrage als volgt bepaald:
de bijdrage zoals deze op grond van de in de artikelen 5
en 6 opgenomen wijze aan zijn onroerende zaak wordt
toegerekend, wordt vermeerderd met de kosten op de
afstand van de in artikel 7, derde lid, sub d. bedoelde
gronden vallende en de kosten van kadastrale
uitmeting;
de onder a. genoemde bijdrage wordt verminderd met:
de inbrengwaarde van alle tot de onroerende zaak van exploitant
behorende gronden. Het bepaalde in het tweede lid van dit
artikel is van overeenkomstige toepassing;
het in de kostenbegroting opgenomen bedrag aan kosten zoals
bedoeld in artikel 5, eerste lid, sub 1 onder b. tot en met f.,
voor zover de uitvoering van de daarmee verband houdende werken
en werkzaamheden voor risico en rekening komt van de
exploitant.
Indien het bepaalde in artikel 5, vierde en/of vijfde lid
toepassing heeft verkregen, wordt de ten laste van de exploitant
komende bijdrage bepaald op de voet van lid 1 en 3 van dit
artikel, met dien verstande dat de in het eerste lid en derde
lid onder b, sub 1. bedoelde vermindering beperkt is tot de
inbrengwaarde van de gronden die zijn bestemd voor het treffen
van voorzieningen van openbaar nut en door de exploitant aan de
gemeente worden afgestaan.
Afdeling 2:
Artikel 8.