1. Kinderopvang:
de opvang van kinderen in de zin van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.
2. Houder:
de houder van een kinderdagverblijf dat is ingeschreven in het Landelijk Register Kinderopvang.
3. Kinderdagverblijf:
een locatie waar dagopvang van kinderen plaatsvindt, anders dan gastouderopvang.
4. Dagopvang:
kinderopvang, verzorgd door een kinderopvangorganisatie voor kinderen tot de leeftijd waarop zij het basisonderwijs volgen.
5. Peuters:
2 tot 4-jarige kinderen.
6. Groep:
een eenheid die bestaat uit peuters met één of meer beroepskrachten.
7. Doelgroeppeuters:
peuters met een leerlinggewicht en/of peuters met een spraak-/taalachterstand en/of peuters met risicofactoren en/of belemmerende factoren (conform het indicatie-protocol en op basis van indicatie door consultatiebureau Orbis-thuis).
8. Leerlinggewicht:
het gewicht dat in het basisonderwijs wordt gehanteerd, waarbij leerlingen met laag-opgeleide ouders een gewicht 0.3 of 1.2 krijgt (conform definitie van het ministerie van OCW).
9. Voorschoolse educatie:
uitvoering van een door het ministerie van OCW erkend integraal programma dat gericht is op stimulering van de (taal)ontwikkeling van peuters.
10. VVE:
Voor- en Vroegschoolse Educatie.
11. VVE-koppel:
een basisschool of basisscholen en voorschoolse voorzieningen, die samen afspraken maken over de uitvoering van voor- en vroegschoolse educatie.
Artikel 1
BEGRIPSBEPALINGEN
Onderdeel van Beleidsregel subsidiëring scholing voorschoolse educatie kinderdagopvang 2012