Tussen de toegang van enerzijds:
een woning of een woongebouw, als bedoeld in artikel 4.3
van het Bouwbesluit;
een gebouw met een al dan niet gemeenschappelijke
toegankelijkheidssector, als bedoeld in artikel 4.3 van
het Bouwbesluit; en anderzijds de openbare weg moet een
mede voor gehandicapten begaanbare weg of begaanbaar pad
aanwezig zijn.
Voor de in het eerste lid bedoelde wegen en paden geldt dat zij:
ten minste 1,10 m breed moeten zijn; en
geen kleinere vrije doorgang mogen hebben dan 0,85 m; en
ten hoogste een hoogteverschil mogen overbruggen van
0,02 m, tenzij dit plaatsvindt door middel van een
hellingbaan die voldoet aan het bepaalde in de artikelen
2.39 en 2.40 van het Bouwbesluit.
Paragraaf 2 Staat van
brandveiligheidinstallaties en
vluchtrouteaanduidingenArtikel 5.2.1
Voorschriften inzake brandveiligheids-installaties en
vluchtrouteaanduidingen
Voor bestaande bouwwerken zijn de artikelen 2.6.1 tot en met 2.6.12 van
overeenkomstige toepassing. Artikel 5.2.2 Aanwezigheid van
brandveiligheids-installaties in gebouwen, niet zijnde woningen,
woongebouwen, logiesverblijven, logiesgebouwen of
kantoorgebouwen (vervallen)
Artikel 5.2.3 Aanwezigheid van
brandveiligheid-installaties in woongebouwen van bijzondere aard
(vervallen)Artikel
5.2.4 Aanwezigheid van brandveiligheid-installaties in
logiesverblijven en logiesgebouwen
(vervallen)Artikel
5.2.5 Aanwezigheid van brandveiligheid-installaties in
kantoorgebouwen
(vervallen)Paragraaf
3 Aansluiting op de
nutsvoorzieningenArtikel 5.3.1 Eis tot
aansluiting aan de waterleiding
De in de artikelen 3.123 en 3.124 van het Bouwbesluit bedoelde, in
bouwwerken aanwezige voorzieningen voor drinkwater moeten zijn
aangesloten aan het distributienet van de openbare waterleiding:
indien het bouwwerk op ten hoogste 50 m afstand van de dichtst
bij zijnde leiding van het distributienet is gelegen; of
indien het bouwwerk op een grotere afstand dan 50 m van de
dichtst bij zijnde leiding van het distributienet is gelegen,
maar de kosten van aansluiting voor het desbetreffende bouwwerk
niet hoger zijn dan bij een afstand van 50 m.