Naar hoofdinhoud

Artikel 3:

Vereisten voor het verkrijgen van een vergunning

Onderdeel van 1e wijziging van de Standplaats- en ventverordening

1.. Het verzoek om vergunning moet op het daartoe bestemde formulier schriftelijk worden ingediend bij Burgemeester en Wethouders. 2.. Een aanvraag om standplaatsvergunning moet voor 1 november, voorafgaand aan het nieuwe kalenderjaar, worden ingediend. 3.. Om voor een standplaatsvergunning in aanmerking te komen is vereist dat de aanvrager een handelingsbekwaam natuurlijk persoon is en aantoont dat hij heeft voldaan aan alle publiekrechtelijke verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitoefening en bedrijfsorganisatie en persoonlijk voldoet aan de bij de toepasselijke vestigingsregeling gestelde eisen ter verkrijging van een vestigingsvergunning als bedoeld in de Vestigingswet Bedrijven of de Vestigingswet Detailhandel en tevens het bewijs overlegt van registratie van het Centraal Registratiekantoor. 4.. De aanvrager moet aantonen dat hij voldoende verzekerd is tegen vorderingen tot schadevergoeding, waartoe hij als gebruiker van een verkoopinrichting op een standplaats krachtens wettelijke aansprakelijkheidsbepalingen zou kunnen worden verplicht wegens aan derden toegebrachte schade. Belanghebbende moet Burgemeester en Wethouders jaarlijks het bewijs overleggen dat de door hem ter zake verschuldigde verzekeringspremie is voldaan. 5.. De aanvrager wordt geacht aan het voorgaande artikel te hebben voldaan, indien hij een geldig bewijs van lidmaatschap overlegt van een organisatie, als bedoeld in vierde lid, die voor leden een collectieve verzekering, heeft afgesloten. 6.. Indien in de verkoopinrichting gebruik gemaakt wordt van gasflessen is een brandveiligheidsverklaring van de brandweer vereist die te allen tijde moet kunnen worden getoond.

Rechtspraak bij dit artikel