**1..** In deze afdeling wordt verstaan onder:
a.
Houtopstand:
hakhout, een houtwal of een of meer bomen;
b.
Hakhout:
een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen.
c.
Dunning:
velling, welke uitsluitend als een voorzorgsmaatregel ter bevordering van de groei van de overblijvende boom moet worden beschouwd.
d.
Knotten/kandelaberen:
het tot op de oude snoeiplaats verwijderen van uitgelopen takhout bij knotbomen, gekandelaberde bomen of leibomen als periodiek noodzakelijk onderhoud.
**2..** In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan: rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het voor de eerste maal knotten/kandelaberen van bomen en het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3.
Artikel 4:10
Begripsbepalingen
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening