Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.1.

Maximum vervoersvoorziening

Onderdeel van Besluit Maatschappelijke ondersteuning gemeente Wassenaar

1.. De financiële tegemoetkoming als bedoeld in artikel 6.1., aanhef en onder c, van de verordening is een gemaximeerd bedrag. Voor de vervoersvoorziening geldt de inkomensgrens als bedoeld in artikel 6.4. van de verordening. Voor de vaststelling van de hoogte van de financiële tegemoetkoming wordt uitgegaan van de volgende bedragen: de tegemoetkoming voor de kosten van het gebruik van een eigen auto bedraagt € 700,00 op jaarbasis; uitgaande van een bedrag van € 0,28 per kilometer; de tegemoetkoming voor de kosten van het gebruik van een taxi bedraagt € 700,00 op jaarbasis; de tegemoetkoming voor de kosten van het gebruik van een rolstoeltaxi bedraagt € 1.700,00 op jaarbasis; de tegemoetkoming voor de kosten van gebruik van een al dan niet aangepaste bruikleenauto bedraagt € 350,00 op jaarbasis, uitgaande van een bedrag van € 0,14 per kilometer. 2.. De tegemoetkoming voor een niet zelfstandig wonende kan lager worden vastgesteld indien de betrokkene wordt geacht een lagere vervoersbehoefte te hebben. 3.. De onder het eerste en tweede lid genoemde vergoeding wordt op declaratiebasis dan wel op vertoon van de nota uitgekeerd. 4.. De declaraties dan wel nota’s dienen uiterlijk binnen één jaar na afloop van het betreffende kalenderjaar te zijn ingediend bij de gemeente. 5.. De tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid samenloopt met een voorziening in de vorm van een scootmobiel geldt in afwijking van het bedrag in dat lid het volgende maximale bedrag: bij toepassing van het eerste lid, onder a en b, een normbedrag van € 544,00; bij toepassing van het eerste lid, onder c, een normbedrag van € 980,00; bij toepassing van het eerste lid, onder d, een normbedrag van € 250,00. 6.. Voor zover de behoeften van echtgenoten niet samenvallen, wordt niet meer dan anderhalf maal een enkele vergoeding toegekend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel