Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 23 onder a. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek:
het gebruik van het openbaar vervoer of
het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken.
Hoofdstuk 5.
Artikel 24.
Het recht op een algemene voorziening.
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning