Onverminderd het bepaalde in artikel 1.6 wordt de vergunning ingetrokken indien:
a.de exploitatie van de inrichting door een andere dan de in de vergunning
genoemde exploitant is of zalworden overgenomen;
b.de exploitant of andere leidinggevenden niet of niet langer voldoen aan de in artikel
2:86 gestelde eisen;
c.dit anderszins noodzakelijk is in het belang van de openbare orde, de
aantasting van het woon- en leefklimaat daaronder inbegrepen.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 17
Artikel 2:90
Intrekking vergunning
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2009