De ten behoeve van het godsdienst- of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs
aangewezen leerkrachten onthouden zich ervan iets te leren, te doen of toe
te laten, wat strijdig is met de eerbied, verschuldigd aan de overtuiging
van andersdenkenden en gedragen zich overigens naar de aanwijzingen, door de
directeur van de school te geven. Zij verstrekken de directeur alle terzake
gewenste inlichtingen.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Tegemoetkoming godsdienst- en levensbeschouwelijk onderwijs verordening