Naar hoofdinhoud

Paragraaf 4

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING REGIONALE DIENST OPENBARE GEZONDHEIDSZORG

1.. De leden van het algemeen bestuur worden aangewezen door de raden van de gemeenten. De raden van de gemeenten wijzen elk één lid aan. Het aan te wijzen lid maakt deel uit van het college van burgemeester en wethouders. 2.. De raden van gemeenten wijzen voor ieder lid een plaatsvervangend lid aan. Het aan te wijzen plaatsvervangend lid maakt deel uit van het college van burgemeester en wethouders. 3.. Een lid van het algemeen bestuur legt, met inachtneming van artikel 16, zesde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen, verantwoording af over het door hem gevoerde beleid aan de raad van de gemeente die hem heeft aangewezen. 4.. De aanwijzing van de leden van het algemeen bestuur vindt plaats binnen twee maanden na de gemeenteraadsverkiezingen of in de eerste raadsvergadering na het tussentijds ontstaan van een vacature. 5.. Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt wanneer: het lid geen deel meer uitmaakt van het college van burgemeester en wethouders in de gemeente waardoor hij is aangewezen; het lid aan de raad die hem heeft aangewezen te kennen geeft geen lid meer te willen zijn van het algemeen bestuur; de raad die het lid heeft aangewezen, de aanwijzing intrekt in geval het lid niet meer het vertrouwen heeft van die raad; de zittingsperiode van de raad waardoor het lid is aangewezen, eindigt. 6.. Na het tussentijds ontstaan van een vacature in het algemeen bestuur wijst de desbetreffende raad in zijn eerstvolgende vergadering een nieuw lid van het algemeen bestuur aan. 7.. Van een aanwijzing tot lid van het algemeen bestuur en van het eindigen van het lidmaatschap in de gevallen genoemd in het vijfde lid geeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente die het lid heeft aangewezen, binnen een week na de aanwijzing of beëindiging kennis aan de voorzitter van het openbaar lichaam. 8.. Het derde tot en met het zevende lid is van overeenkomstige toepassing op plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel