**1..** Het is verboden in een openbare inrichting de orde te
verstoren.
**2..** Het is verboden zich in een openbare inrichting te bevinden na
sluitingstijd of gedurende de tijd dat de inrichting gesloten
dient te zijn op grond van een besluit krachtens het eerste lid
van artikel 2:30.
**3..** Het is de exploitant of leidinggevende van een openbare
inrichting, als bedoeld in artikel 2:27, eerste lid, verboden in
die inrichting toe te laten of te laten verblijven niet tot zijn
gezin behorende personen, die naar het oordeel van de
burgemeester misbruik van alcoholhoudende drank plegen te maken
en wier namen als zodanig schriftelijk door de burgemeester aan
die houder zijn opgegeven.
**4..** Het is aan een persoon wiens naam ingevolge het bepaalde in het
derde lid door de burgemeester aan de exploitanten van openbare
inrichtingen, als bedoeld in artikel 2:27, eerste lid, is
opgegeven, verboden zich in een dergelijke inrichting te
bevinden nadat hij schriftelijk door de burgemeester van dit
verbod in kennis is gesteld.
**5..** Het verbod in het vierde lid geldt voor een bepaalde periode,
die niet langer is dan een jaar.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 8
Artikel 2:31
Verboden gedragingen
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Ridderkerk 2012